WIDOPEDIA
Een blog over Frans-Vlaanderen, de Nederlanden en Europa
Wido Bourel

Meest recente berichten
Archieven
Kernwoorden

Oebych

Tevfik Esenç, de laatste stem van het Oebych – en —  en de geleerde die haar wilde bewaren

Op 7 oktober 1992 stierf in het Turkse dorp Hacıosman Tevfik Esenç. Met hem verdween niet alleen een mens, maar ook een taal: het Oebych, een van de merkwaardigste talen van de Kaukasus. Esenç was de laatste levende spreker van deze taal.

Het verhaal begint echter veel eerder, aan de andere kant van de Zwarte Zee.

De Oebychs waren een klein volk uit de noordwestelijke Kaukasus. In de negentiende eeuw werden zij, samen met andere Kaukasische bevolkingsgroepen, door de Russische verovering uit hun woongebied verdreven. Velen kwamen terecht in het Ottomaanse Rijk, onder meer in Anatolië. Daar raakten hun taal en cultuur geleidelijk in de verdrukking.

Tevfik Esenç groeide op bij zijn grootouders, die nog Oebych spraken. Hij beheerste daarnaast Turks en Adyghe. Zonder dat hij daarvoor had gekozen, werd hij uiteindelijk de laatste drager van een taal die eeuwenlang binnen zijn gemeenschap was doorgegeven.

Een merkwaardige taal bovendien.

Het Oebych telde slechts drie klinkers, maar naar schatting maar liefst 84 medeklinkers. Voor taalkundigen was het een fascinerend laboratorium van menselijke spraak. En omdat de taal op het punt stond te verdwijnen, werd de nood om haar vast te leggen steeds groter.

Daar kwam Georges Dumézil in beeld.

Dumézil, die leefde van 1898 tot 1986, was een van de grote filologen en comparatisten van de twintigste eeuw. Hij was gespecialiseerd in Indo-Europese talen en mythologie, maar beheerste en bestudeerde ook tal van andere talen, waaronder verschillende Kaukasische talen.

Het Oebych liet hem niet meer los.

Dumézil ontmoette Esenç en werkte jarenlang met hem samen om de taal zo nauwkeurig mogelijk vast te leggen. Woorden, grammatica, verhalen en vooral de uitzonderlijke klanken werden geregistreerd en bestudeerd. Er kwamen fonetische schema’s en technische onderzoeken aan te pas om zelfs de meest bijzondere klanken van het Oebych te kunnen beschrijven.

Dumézil publiceerde er verschillende belangrijke studies over, waaronder ‘La Langue des Oubykhs’ en later ‘Contes et légendes des Oubykhs’ en ‘Études oubykhs’.

De ontmoeting tussen de wereldgeleerde en de eenvoudige dorpsman heeft mij altijd gefascineerd.

Georges Dumézil heeft mij ooit zelf verteld over zijn ontmoetingen met Tevfik Esenç en over de bijzondere samenwerking tussen hen beiden. Dat verhaal ben ik nooit vergeten.

Ik kende Dumézil ook via zijn vriendschap met de Frans-Vlaamse voorman Nicolas Bourgeois, met wie hij aan de École Normale Supérieure had gestudeerd. In het Olmkasteel in Hazebroek, waar Bourgeois woonde, hoorde ik zijn gepassioneerde verhaal over Esenç en de verdwijnende taal van de Oebychs.

Decennia later keerde dat verhaal terug via Burcu Esenç, de kleindochter van Tevfik.

In 2019 maakte zij een documentaire over haar grootvader, de Oebychs en de taal die met hem verdween. De titel is veelzeggend: “I Had a Dream You Won’t Understand Even If I Tell.”

Ik had een droom die je niet zult begrijpen, zelfs als ik hem je vertel.

En dan is er nog de grafsteen van Tevfik Esenç.

Daarop staat, in het Turks, dat dit het graf is van Tevfik Esenç, de laatste die de taal die men Oebych noemde, kon spreken.

Meer hoeft er eigenlijk niet te staan.

Op 7 oktober 1992 zweeg de laatste stem van het Oebych.

Gepubliceerd

07.10.2026

Kernwoorden
Reacties