WIDOPEDIA
Een blog over Frans-Vlaanderen, de Nederlanden en Europa
Wido Bourel

Meest recente berichten
Archieven
Kernwoorden

Jakobijnen

De eerste en de laatste Girondijnen   — Of hoe de guillotine het debat won

Op 2 juni 1793 werd tijdens de Franse Revolutie de politieke groep van de Girondijnen definitief het zwijgen opgelegd. Negenentwintig van hun vertegenwoordigers in de Nationale Conventie werden gearresteerd en zouden in de maanden nadien op de ene of andere manier worden vermoord, geëxecuteerd of tot zelfmoord gedreven.

Van alle revolutionaire fracties waren de Girondijnen wellicht de meest gematigde én de meest interessante. Ze vormden ook het laatste serieuze obstakel voor de dictatuur van hun opponenten: de Jakobijnen.

Hun politieke ondergang werd versneld doordat velen onder hen zich verzetten tegen de onmiddellijke executie van koning Lodewijk XVI en pleitten voor meer gematigde oplossingen. Voor hun tegenstanders was dat voldoende bewijs dat zij de Revolutie zouden “afremmen” – een beschuldiging die in revolutionaire tijden meestal betekent dat je binnenkort je hoofd verliest.

De Girondijnen – genoemd naar de streek rond Bordeaux, waar verschillende van hun leden vandaan kwamen – waren voorstanders van decentralisatie. Ze verdedigden een vorm van federalisme: minder macht geconcentreerd in Parijs en meer autonomie voor de Franse regio’s. Economisch stonden ze eerder voor vrije handel dan voor dirigisme. Kortom: ze geloofden dat niet elk probleem een decreet uit de hoofdstad nodig had.

De machtsovername door de Jakobijnen, gesteund door de radicale Parijse sansculotten, luidde de Terreur in: een nietsontziend systeem waarin politieke tegenstanders op de guillotine belandden. Wie niet enthousiast genoeg applaudisseerde voor de Revolutie, liep het risico als vijand van het volk te eindigen. Stalin, Pol Pot en andere totalitaire leiders zouden later methodes toepassen die opvallende gelijkenissen vertoonden met deze bloedige periode.

Toen ontstond ook wat de gaullistische minister Alain Peyrefitte later le mal français zou noemen: de Franse ziekte. Alle macht werd geconcentreerd in Parijs, terwijl de provincies werden herleid tot administratieve departementen en kunstmatige regio’s. De historische namen en identiteiten van de oude provincies verdwenen en maakten plaats voor kleurloze benamingen, afgeleid van rivieren, bergen en andere geografische kenmerken. Centralisatie als nationale sport, zeg maar.

De filosoof en schrijver Michel Onfray geldt vandaag nog altijd als een van de laatste Girondijnen. Hij noemt zichzelf ook zo, als aanhanger van het federalistische gedachtegoed van Joseph Proudhon. De hardnekkigheid waarmee een deel van links de – nochtans eveneens linkse – Onfray bestrijdt, heeft wellicht meer te maken met deze oude Franse breuklijn dan men graag toegeeft. Met Mélenchon in de rol van opper-Jakobijn lijkt het alsof Frankrijk af en toe nog eens een rondje draait op dezelfde historische draaimolen – telkens met andere passagiers, maar opvallend vertrouwde discussies.

Gepubliceerd

02.06.2026

Kernwoorden
Reacties