WIDOPEDIA
Een blog over Frans-Vlaanderen, de Nederlanden en Europa
Wido Bourel

Meest recente berichten
Archieven
Kernwoorden

Identiteit

Nogmaals over identiteit, migratie en de vijand

Mijn stuk “Jordan Bardella in Brussel: een staatsnationalist ontmoet volksnationalisten” (12 juni, op deze Facebookpagina) deed heel wat mensen in hun pen kruipen.

OVER IDENTITEIT

Ik verfijn nog even mijn opmerking – neem me niet kwalijk – dat de RN van Bardella warm en koud blaast als het over identiteit gaat. Bij de RN heb je enerzijds de goede, gewenste, gekozen identiteit, en dat is uiteraard de Franse. Dat zijn de geestelijke zonen en dochters van Jeanne d’Arc, patrones van het Franse staatsnationalisme, die nota bene uit het grensland Lotharingen kwam. Zij verscheen, volgens het geschiedenisboek van eigen fabricaat, als geroepen om dat samenraapsel van Gallische clans, Frankische barbaren en andere Latijnse stammen in de pas te doen lopen en de Franse koningen de weg te wijzen naar het ene en ondeelbare Frankrijk. Het belette het ondankbare Franse volk niet om enkele eeuwen later zijn koning een kopje kleiner te maken.

Toegegeven, op Corsica zoekt de RN tegenwoordig een vergelijk met de Corsicaanse achterban om haar een schijn van autonomie te gunnen. Op hun eiland mogen die lastigaards een beetje – maar niet te veel – hun gang gaan. Ik citeer: ‘om maffiavorming tegen te gaan’, en omdat zij Frankrijk Napoleon hebben geschonken.

Op het Franse vasteland daarentegen, in Bretagne – nota bene het moederland van de familie Le Pen – nam Marine Le Pen niet zo lang geleden positie in tegen het onderwijs van het Bretoens in de publieke sfeer. Delen van de Bretoense beweging zijn na de Tweede Wereldoorlog naar links opgeschoven, mede om afstand te nemen van hun oorlogsverleden, weet je wel. En dat is voor rechtse politici voldoende reden om hun identiteit ondergeschikt te maken aan de stemmen die ze kunnen opleveren.

Om maar te zwijgen over het noorden van Frankrijk, waar Marine Le Pen in Hénin-Beaumont haar mandaat en haar sociale mosterd haalt, maar waar de RN nog nooit een stem heeft laten horen ten gunste van de Vlaamse of een andere ingewortelde regionale identiteit, laat staan van de Nederlandse taal of cultuur. Soms worden ze daarin nog tegengesproken door hun eigen militanten, die wel hun Vlaamse Leeuw meebrengen wanneer Rijsel of Lens voetbalt.

De Franse identiteit is als de Franse keuken: ze bestaat eigenlijk niet. De choucroute is Elzassisch, de pannenkoeken zijn Bretoens, de camembert is Normandisch. En konijn met pruimen, dat is Vlaams.

OVER MIGRATIE

Sommige van mijn lezers wijzen, in de politieke samenwerking tussen RN en VB, op de prioriteiten. Ze schrijven dat het inzake migratie vijf na twaalf is. Dat is volgens hen nu de hoogste prioriteit, en niet de folkloristische taalperikelen van de laatste der Mohikanen in Frans-Vlaanderen en elders.

Wie me kent, weet beter.

Sorry vrienden, maar ik behoor tot de categorie naïeve niet-politici die denkt dat wij onze energie eerst moeten investeren in de versterking, samenhang en uitingen van onze eigen identiteiten in Europa, en niet met losse kreten blind moeten schieten op een ongrijpbare en identiteitsloze vijand.

Wij versterken onze identiteit niet zo zeer door te roepen tegen anderen, maar door onze eigen identiteit opnieuw inhoud, samenhang en vitaliteit te geven.

OVER DE VIJAND

Inzake migratie pleit ik ervoor om, in plaats van te dweilen met de kraan open en tegen de wind te blazen, eerst in eigen boezem te kijken, daar waar wél iets aan te doen is. Prioritair is het bestrijden en verstoren van organisaties en geldstromen achter de Vlaamse, Belgische en Europese lobby van mensenhandelaars, pro-Deoadvocaten, activistische rechters, experten-in-zogenaamde-mensenrechten-zonder-plichten, ultraliberale kosmopolieten op zoek naar ‘consumers’, politieke-islampropagandisten en neo-marxisten-op-zoek-naar-een-vervangproletariaat die zich voeden met de miserie en de import van al die sukkelaars en avonturiers die op onze stranden landen.

De bedreigingen voor onze Europese identiteiten moeten wij niet bestrijden door het staatsnationalisme te versterken en de mond vol te hebben van wat de Europese identiteit zogenaamd maakt, maar precies door het tegenovergestelde te doen: investeren in wat onze eigen identiteiten sterker kan maken.

Europa is geen natie, maar een beschaving en een historisch rijk van volkeren, talen en historische entiteiten. Wie die verscheidenheid verwaarloost in naam van een abstract staatsnationalisme, ondergraaft precies datgene wat hij beweert te verdedigen.

Uiteraard schuilt vandaag het echte gevaar in het samengaan van de politieke islam met de neo-marxistische ideologie, zoals zich dat momenteel voor onze ogen ontplooit in Brussel en andere grote Europese steden. Maar zoals Clausewitz leerde: wie een conflict wil winnen, moet eerst zijn werkelijke tegenstander identificeren. We moeten dus naar de echte vijand wijzen – zie mijn opsomming, die niet exhaustief is – en niet naar de slachtoffers, van welke kant ook.

Gepubliceerd

17.06.2026

Kernwoorden
Reacties

Over taal en identiteit

Hans Cany stelt dat er al eeuwenlang Franstalige Vlamingen bestaan. Helaas wordt dit vaak vergeten, aangezien het label ‘Vlaming’ meestal wordt gekoppeld aan het spreken van het Nederlands. Hij voegt eraan toe: “Wat mij betreft, denk ik dat een inwoner van Rijsel, Atrecht of Dowaai niet minder Vlaming is dan een Duinkerkenaar, Bruggeling of Antwerpenaar.” Ik kan deze opmerking beamen, maar wil enkele nuances aanbrengen.

Leer alle Vlamingen kennen: Als geboren Frans-Vlaming weet ik dat de taal in Frans-Vlaanderen niet ‘gans het volk was’ . Maar daarmee is mijn verhaal nog niet ten einde. Vlaanderen strekt zich tegenwoordig uit over drie landen. Zeeuws-Vlaanderen, gelegen op Nederlands grondgebied, is het kleinste deel. Het ‘Belgisch’-Vlaanderen omvat vandaag de dag bovendien veel meer dan de gebieden van het oude graafschap Vlaanderen .En tenslotte Vlaanderen in Frankrijk. Een minimum aan kennis van de geschiedenis van elk deel is noodzakelijk om dit debat te voeren. Veel Vlamingen en Nederlanders weten weinig over Frans-Vlaanderen, en hetzelfde geldt voor veel Frans-Vlamingen, die vaak niet op de hoogte zijn van de geschiedenis van Belgisch-Vlaanderen en Nederland. Zelf heb ik jarenlang de geschiedenis van de Vlaamse Beweging en de Nederlandse gedachte bestudeerd en heb ik geleerd hoe sterk alles uit elkaar is gegroeid; dezelfde woorden, feiten en situaties worden vaak anders gepercipieerd.

Taal en identiteit: De gevleugelde woorden ‘De taal is gans het volk’ komen uit het gedicht ‘De Nederduitsche Tael’ van de Vlaamse dichter Prudens van Duyse (1804-1859) en zijn te begrijpen in de specifieke context van de ontluikende Vlaamse beweging en de strijd tegen de verfransing van Vlaanderen in België. Het is waar dat de strijd voor de taal, meer dan andere elementen, een belangrijke rol speelt in de emancipatie van de Vlaamse Beweging. Taal is een van de bepalende elementen van identiteit. Dit betekent echter niet dat Ieren minder Iers zijn omdat ze bijna allemaal Engels spreken, of dat Joden uit de diaspora die slecht of geen Hebreeuws spreken minder Joods zijn. Het is wel mijn overtuiging dat zij ‘anders Iers’ en ‘anders Joods’ zijn.

Toen het Frans nog niet bestond: Het standpunt dat het Frans altijd de dominante taal is geweest in Rijsel, Dowaai of Atrecht, gaat ervan uit dat de geschiedenis begint na het jaar 1000. Nochtans sprak men in Rijsels-Vlaanderen ooit Neder Frankisch, de taal die in directe lijn voorafgaat aan de Vlaamse streektalen en aan het Nederlands. Tot in de 19de eeuw was de volkstaal van Rijsels-Vlaanderen en Artesië het Picardisch, en het zou dus juister zijn om te spreken van Romaanssprekende Vlamingen. In Rijsels-Vlaanderen, tot aan de Zomme, sprak men in de tijd van de legendarische Liederik geen Frans, omdat deze taal toen nog niet bestond! De Frankische elite heeft zich geleidelijk aan geromaniseerd met de overgang naar het christendom.

Leer Nederlands: Tot slot een opmerking vanuit mijn persoonlijke ervaring: ik wil niemand kwetsen, maar ik schaam me voor het gebrek aan kennis van de Nederlandse taal onder de Vlaamsvoelende inwoners van Frans-Vlaanderen. Ik heb nooit kunnen begrijpen waarom mensen die zich in Frans-Vlaanderen Vlaming voelen, amper of geen moeite doen om de Nederlandse taal te leren. Frans-Vlaanderen vormt hierin een treurig unicum. Ik las dat bijvoorbeeld in de Elzas 90% van de jeugd een of andere opleiding Duits volgt. In Frans-Vlaanderen ligt dat percentage op 0,0001%. Het verhaal dat er Franstaligen in Vlaanderen zijn sinds de middeleeuwen wordt te vaak gebruikt als excuus voor degenen in Frans-Vlaanderen die de moeite niet willen nemen om de taal te leren.

Gepubliceerd

02.03.2025

Kernwoorden
Reacties