Op 13 oktober 2009 overleed in Strijtem, in het Pajottenland, de Vlaamse dichter en vertaler Bert Decorte. Hij was 94 jaar. Geboren in het Kempense Retie op 2 juli 1915, groeide hij uit tot een markante stem in de Vlaamse literatuur. Marnix Gijsen noemde hem ooit het ‘wonderkind in de Vlaamse poëzie’.
Decorte maakte in 1937 een opmerkelijk debuut met ‘Germinal’, een bundel vitalistische verzen die meteen de aandacht trok. Zijn vroege poëzie viel op door haar bruisende taal, krachtige ritme en onstuimige verbeeldingskracht.
Voor ‘Refreinen’ ontving hij in 1945 de August Beernaertprijs. Een jaar later volgde de Driejaarlijkse Staatsprijs voor Poëzie, toegekend voor zijn bundel ‘Een stillere dag’. In 1989 werd zijn gehele literaire oeuvre bekroond met de Sabamprijs.
Decorte was veel meer dan een dichter. Hij ontpopte zich ook tot een gedreven bloemlezer, die met zijn verzamelbundels een rijk stuk literair erfgoed toegankelijk maakte. Zo verschenen ‘Het geuzenlied’ (1951), ‘Van heer Halewijn tot vrouw Griese’ (1959), ‘Gedicht en omgedicht’ (1960) en ‘In ’t zot, in ’t vroed, in ’t amoureus’ (1970), een bloemlezing van rederijkersrefreinen. In 1974 verschenen zijn Verzamelde gedichten.
Ook als autobiograaf, essayist en schrijver van poëtische reisverhalen liet hij zich gelden. Zijn belangstelling voor de internationale literatuur vertaalde zich onder meer in werk van François Villon en Charles Baudelaire. Ook het werk van Guillaume Apollinaire behoorde tot zijn literaire belangstelling.
Daarnaast bleef de literatuur uit eigen bodem hem nauw aan het hart liggen. In 1978 bracht hij een berijmde bewerking van Reinaard de Vos, bedoeld om het middeleeuwse verhaal voor de moderne lezer toegankelijk te maken. Ook ‘Thijl Ulenspieghel’, zijn poëtische bewerking van oude volkse verhalen, verdient vermelding. Dit werk verscheen oorspronkelijk in 1951 en werd in 1986 opnieuw uitgegeven, met de oorspronkelijke houtsneden uit het oude volksboek.
Maar Bert Decorte was niet alleen een begenadigd dichter en vertaler. Hij was ook een eigenzinnige geest, die zich niet zomaar naar de heersende opvattingen plooide.
Zijn gelegenheidswerk vormt daarvan een treffend bewijs. Sommige van die gedichten zijn vandaag nog altijd boeiende tijdsdocumenten. Een sprekend voorbeeld is ‘Aan Gerard Walschap’ uit 1945.
Walschap kreeg destijds in katholieke kringen zware kritiek te verduren wegens de vermeende ‘zedeloosheid’ van zijn werk. Decorte koos onomwonden zijn kant. Hij deed dat niet met omfloerste woorden, maar met een vlijmscherpe pen:
Schrijf, vliege ’t stof in de geburen,
blijf voort den rug der rotzooi schuren,
drijf hun den angel in den balg
stijf op uw stuk, stug in uw walg.
Zij zullen, als voorheen proberen
uw blank gezicht vol blink te smeren,
maar noem, al smijt men u met stront,
een kop een kop, een kont een kont.
Het is Decorte ten voeten uit: recht voor de raap, wars van hypocrisie en niet bereid om de scherpe kantjes van zijn overtuiging af te vijlen.
Ook in een kort gedicht als ‘Nonconform’ verwoordde hij zijn onafhankelijkheid. Het klinkt haast als zijn persoonlijke credo: geen slaafse navolging, geen vleierij, geen blind geloof in systemen.
Als toemaatje: Bert Decorte, de non-conformist in vijf regels.
NONCONFORM
Aan elke lering heb ik lak;
in elk systeem vind ik een lek;
omdat ik niemands zolen lik
en met gevlei geen machtigen lok,
is ’t dat ik niet als andren luk.
— Bert Decorte
Een dichter die zijn eigen weg ging, die de taal naar zijn hand zette en zich niet liet inkapselen door conventies of gezag. Maar die ook meesterlijke verzen schreef, zoals in zijn bundel ‘Een stillere dag’ (1942):
Geen zomerweelde meer en geen geweld
van zon en zilver en azuren vuren,
nu nevelfulp over wegen en veld
waas blaast. Voorbij zijn de avonturen
van wispelturig, vurig minnespel.
De fakkelvlammen luwden tot flambeeuwen
die rouwen rond het lijk van de rebel
die Lente heet. Geluid van verre vogelschreeuwen
als uit verleden eeuwen. Plotseling,
alsof niet alle opstandigheid verging,
de trappeldraf van een paard in de dreven.
Alles ontverft, kwijnt weg en sterft;
om alle heuvels hangen in de herfst
gele guirlanden tussen dood en leven.
Bert Decorte: dichter, vertaler, bloemlezer én dwarsdenker. Een eigenzinnige stem uit de Vlaamse literatuur die het verdient om gelezen en herinnerd te blijven.
13.10.2026