Quickborn

Dat onze voorouders elkaar konden verstaan van "Duinkerke tot Königsberg" is geen mythe. Mijn grootvader langs moederszijde was krijgsgevangene in Oost-Pruisen en kon met zijn Vlaemsch als vertaler fungeren tussen de plaatselijke boerengemeenschap, waarbij hij was tewerkgesteld, en zijn Franstalige makkers. Hij sprak nochtans geen woord Hoogduits. Het Nederduits is ook te verstaan voor wie aandachtig leest en luistert :

De Junge Wetfru

Wenn abends roth de Wulken treckt,
so denk ik och an di!
so trock voerbi dat ganze Heer,
un du weerst mit darbi.

Wenn ut de Böm de Blaeder fallt,
so denk ik glik and di:
so full so männi brawe Jung,
un du weerst mit darbi.

Denn sett ik mi so truri hin
und denk so vel an di.
ik et alleen min Abenbrot -
un du büst nicht darbi.

Uit Quickborn, een verzameling Platduitse gedichten van Klaus Groth

Een webstek over Klaus Groth : www.klaus-groth.de

 

 

randomness