Op de schouders van een reus

Lees dit artikel ook op Doorbraak: https://doorbraak.be/op-de-schouders-van-een-reus/

In memoriam Cyriel Moeyaert (1920-2020)

‘Zoveel mooie herinneringen. Cyriel Moeyaert was een reus die ontzettend veel gegeven heeft’. Dat was de eerste, spontane reactie van gewezen minister-president Geert Bourgeois, oud-leerling en vriend van Cyriel Moeyaert, bij  het nieuws van diens overlijden. In mei jongstleden vierde Cyriel Moeyaert nog kranig zijn 100ste verjaardag en ontving hij, meer dan verdiend, de Orde van de Vlaamse Leeuw. In veel opzichten was hij een reus voor Vlaanderen: een taalliefhebber, priester, uitstekende leraar en een wandelende encyclopedie. Een klein portret.

Een man van de daad
Ik herinner me nog alsof het gisteren was: mijn eerste ontmoeting met Cyriel Moeyaert. Ik leerde toen Nederlands op een vrije cursus in Steenvoorde. Op een dag verscheen eerwaarde heer Moeyaert, een voor zijn tijd en in mijn ogen moderne pastoor. Hij  kwam er op bezoek met een kleine delegatie van het Komitee voor Frans-Vlaanderen, vereniging die deze opleiding Nederlands mogelijk maakte. Een kleine, kwieke, vriendelijke, radicaal Vlaamsgezinde man. Vol lof voor onze schamele pogingen om twee woorden Nederlands uit te spreken. Het klikte meteen tussen ons. Want Cyriel bezat het talent en het geduld van de goede pedagoog: altijd aanmoedigend, nooit bestraffend en steeds met nieuwe inzichten.

Cyriel woonde toen in Ieper. Als Frans-Vlaming was je er onmiddellijk vriend aan huis. Ik mocht er rustig en vrij mijn gang gaan tussen de vele boeken, documenten en fotomateriaal. Een waar documentatiecentrum voor Frans-Vlamingen op zoek naar hun wortels en hun taal. Cyriel wist de gevonden informatie steeds met parate kennis samen te bespreken en waar nodig aan te vullen of te verbeteren. Ik ging steevast naar huis met een karrenvracht aan boeken en een berg fotokopieën, zijn specialiteit. En Cyriel was er als de kippen bij om een week later kritische vragen te stellen over wat ik had geleerd: wat heb je deze week gelezen en wat heb je onthouden?

'Liefst van al begaf hij zich te velde tussen de mensen'

De vele boeken betekenden nog niet dat Cyriel een kamergeleerde was. Hij hield zich niet alleen bezig met opzoekingen in archieven en bibliotheken. Liefst van al begaf hij zich te velde tussen de mensen: daar was  hij gelukkig. Steeds op zoek, naar een mens, een boek, een oud document, een opschrift, een uitdrukking, een woord… die het verschil maakten. En dat ‘de duivel in de details zit’ heb ik van Cyriel Moeyaert geleerd. Sporen van een Vlaams en Nederlands verleden in de Nederlanden in Frankrijk. De lijst van stukken uit ons cultuurpatrimonium die hij wist terug te vinden en van de ondergang te redden is eindeloos.

Frans-Vlaanderen
Met en in Frans-Vlaanderen kwam zijn eruditie inzake de Nederlandse taal tot een hoogtepunt. Als pedagoog was hij in West-Vlaanderen de militant voor het algemeen Nederlands en de eerste ABN kernen. Met zijn vriend Dr. Piet C. Paardekooper schreef hij een ABN spraakkunst. Een spraakkunst die een bestseller werd, met een twaalftal herdrukken. Stel je voor.

Met deze taalkundigheid ging Cyriel in mijn geboortestreek steeds de boer op, noteerde bij elk bezoek woorden en uitdrukkingen, publiceerde erover, ging als het moest in de clinch met de redactie van de dikke Van Dale om een oud Nederlands woord opnieuw in de actualiteit te brengen. Ik herinner me zo een namiddag in Kaaster, waar ik toen woonde, samen op woordenoogst bij mijn Frans-Vlaams sprekende familie en dorpsgenoten.

'Hij voerde ook gretig mee actie om oude Vlaamse toponiemen te doen herleven'

Cyriel kon als geen ander iemand zijn verhaal laten vertellen in de taal van de streek en er nieuwe taalkundige vondsten uit distilleren. De oogst van toen ken ik nog uit mijn hoofd: stouthals, een middeleeuws woord voor waaghals; minnewuf voor vroedvrouw; egetatse, een oud-Germaans woord voor hagedis. Deze woorden en nog veel andere verzamelde hij  later in zijn onvolprezen Woordenboek van het Frans-Vlaams en bijlagen, zijn opus magnum. Hij voerde ook gretig mee actie om oude Vlaamse toponiemen te doen herleven en Nederlandstalige borden in Frans-Vlaanderen te plaatsen. Wie vandaag Frans-Vlaanderen bezoekt, kan er niet naast kijken: overal hangen zwart-gele naamborden op huizen en gebouwen.

Op de schouders van een reus
Nog opgeleid in de geest van Rodenbach aan het Klein Seminarie van Roeselare behoorde Cyriel Moeyaert tot de bijna verdwenen generatie vurig Vlaamsgezinde priester-leraars, trouw aan de Nederlandse Gedachte.

Als priester en taalkundige heeft Cyriel Moeyaert een lang, goedgevuld en gelukkig leven gehad. Hij was een voorbeeld van belangeloze inzet en toewijding. Een bezige bij, steeds in de weer en met aandacht voor vele kleine dingen. Niets was hem te veel om Frans-Vlaanderen met raad en daad  te helpen. Kranig — en ook wel eens koppig — als hij was stond hij zo lang het kon op zijn zelfstandigheid in zijn huis in Sint-Jan-ter- Biezen. Tot in zijn laatste dagen bleef hij geestelijk alert en actief met studeren, lezen en schrijven.

'Voor een gezond leven is het belangrijk dat je veel plannen hebt'

Op de vraag van Kerknet wat zijn recept was om oud te worden antwoordde hij: ‘Eigenlijk heb ik geen echt recept, maar ik ben altijd met veel bezig geweest. Ik heb ook altijd veel gelezen. Voor een gezond leven is het belangrijk dat je veel plannen hebt, anders wordt je leven passief’.

Geert Bourgeois noemt Cyriel Moeyaert terecht een reus die veel gaf aan de gemeenschap. Een oude, middeleeuwse wijsheid houdt ons voor op de schouders van zo een reus te klimmen om verder te kunnen zien dan anderen.

randomness