Jean-Marie Gantois, de "torrewachter" van Frans-Vlaanderen

Het is nu meer dan 40 jaar geleden dat Jean-Marie Gantois, gewezen leider van het Vlaams Verbond van Frankrijk op tragische wijze in Waten, aan de zuidelijke grens van het oude grafschap Vlaanderen, overleed. Met hem verdween het symbool van een generatie die in Frankrijk de strijd aanging voor Vlaamse autonomie en voor de Nederlandse gedachte.

Jean-Marie Gantois hield bijzonder veel van Waten waar hij op 21 juli 1904 geboren werd. In een autobiografisch werk Hoe ik mijn taal en mijn volk terugvond, verschenen in 1942, vertelde hij welke invloed zijn geboortedorp, strategisch gelegen tussen het Houtland en het vlakke Blootland, op hem heeft gehad : "de meeste uiteenlopende uitzichten van het natuurlijk decor der Lage Landen bij de zee komen samen in dit enige landschap". Hier, in de abdij, waarvan de indrukwekkende ruines de Watenberg nog steeds overheersen, werd de graaf van Vlaanderen Diederik van de Elzas begraven.

Geboren leider

Door de studie van het rijke verleden van Waten groeit de belangstelling van de jonge Gantois voor de geschiedenis van Frans-Vlaanderen. Ook enkele Vlaamsgezinde leraars, zoals Jules Andouche en Camille Looten, spelen hierin een belangrijke rol. En vooral boeken, veel boeken : zijn indrukwekkende bibliotheek, nu ondergebracht in de universiteitsbibliotheek van de KULAK in Kortrijk als Bibliotheek de Franse Nederlanden, is beslist een bezoek waard. Zie www.kuleuven-kortrijk.be/nl/Bibliotheek/franse-nederlanden

De eerste pennenvruchten van Jean-Marie Gantois vindt men terug in de regionalistische tijdschriften van die tijd zoals Le Beffroi de Flandre, waarin hij onder verschillende pseudoniemen schrijft. In Rijsel is hij ook een trouw bezoeker van de Bouquinerie des trois rois mages, een boekhandel geleid door Valentin Bresle en waar veel jonge Vlaamse regionalisten elkaar treffen. Vanaf 1922 is J.M. Gantois erg actief in de Vlaamse Kringen van het seminarie in Rijsel. Hij wordt er priester gewijd in 1931. Zelf sticht hij ook een Vlaamse kring, de Michiel de Swaenkring, en studeert hardnekkig Nederlands bij prof. C. Looten. Reeds in deze periode onderscheidt Gantois zich als een natuurkracht, een geboren leider die een grote invloed uitoefent op zijn omgeving.

Het Vlaams Verbond van Frankrijk

Het is dus niet verwonderlijk dat Jean-Marie Gantois, slechts 19 jaar oud, enige tijd later het initiatief neemt om al deze Vlaamse Kringen te verenigen. Op 7 maar 1924, vergaderen de Vlaamse Kringen op de Katsberg en verenigen zich onder de naam Union des Cercles FLamands, het latere Vlaams Verbond van Frankrijk. Jean-Marie Gantois wordt aangesteld tot algemeen secretaris.

Volgens Nicolas Bourgeois, samen met Gantois de theoreticus van het VVF "was het doel van de Vlaamse Kringen in de seminaries beperkt tot het voorbereiden van priesters om in de Frans-Vlaamse parochies in het West-Vlaams te prediken (...) Het nieuw Verbond daarentegen richt zich tot - en werft aan in - alle lagen van de bevolking".

Bourgeois bevestigt: "Het is de verdienste van Gantois, en van hem alleen, de beweging te hebben opengesteld voor leken". Tot dan toe bestond, buiten de kringen van de seminaries, enkel het Comité Flamand de France, door Gantois spottend omgedoopt tot Comité français de Flandre omdat het zich volledig verwijderd had van het motto van zijn stichters Moedertaal en Vaderland. Met het VVF beschikken de Nederlanden in Frankrijk voortaan over een waardevolle regionalistische beweging. Een avontuur dat meer dan twintig jaar zou duren en dan door de handlangers van het Franse jakobinisme werd gebroken.

In die tijd is "Vlaanderen" enkel een onderwerp voor ingewijden. Ook al is de moedertaal van de grote meerderheid van de bevolking in de Westhoek nog steeds een Nederlands dialect, toch neemt het Nederlandse karakter van de Franse Nederlanden onder druk van het Parijse centralisme geleidelijk af. Gantois is er zich van bewust dat er een moeilijke en lange weg voor hem ligt. Als goede tacticus opteert hij voor de culturele actie met als voornaamste doel een mentaliteitsverandering teweeg te brengen. Alleen als dit lukt, wordt later een politieke actie mogelijk.

Gantois is hiervoor omringd door een briljante ploeg: telgen uit welbekende Vlaamse families als Justin Blanckaert, invloedrijke figuren als Nicolas Bourgeois, diensthoofd van de gemeenteraad van Parijs en adjunct-secretaris van de Fédération Régionaliste de France, en zeer actieve medewerkers als Marcel Janssen en J.E. Vandendriessche.

Het Vlaams Verbond van Frankrijk publiceert twee tijdschriften : De Torrewachter, volledig in het Nederlands opgesteld, richt zich voornamelijk tot wie Vlaams of Nederlands kent in de streek. Le Lion de Flandre is het theoretische orgaan van het VVF en heeft als hoofddoel de stafmedewerkers en de leden van de beweging te vormen. In 1944 wordt Le Lion de Flandre op 2.000 exemplaren gedrukt en de Torrewachter op 10.000. Toch wel mooie oplagen voor die tijd.

Vooral in Le Lion de Flandre ontplooit Jean-Marie Gantois zijn groot talent als historicus en theoreticus van het Vlaams regionalisme. Hij is een veelschrijver. Maar door het veelvuldige gebruik van pseudoniemen is het moeilijk, zelfs voor zijn trouwste medewerkers, het overzicht te bewaren over de teksten die van zijn hand zijn.

Elk jaar organiseert het VVF een congres dat een belangrijke rol speelt in de inplanting en het Verbond in de streek. Een van de meest succesvolle congressen is dat van Broekburg met een prinselijke ontvangst bij M. Vandenbroucke, burgemeester van de stad. Ook Duinkerke toont zich eveneens zeer gastvrij met de socialistische burgemeester Valentin, die een ware lofrede houdt over J. M. Gantois. Ook in Rijsel was een congres voorzien met de medewerking van de socialistische voorman Roger Salengro. Maar de beruchte zelfmoord van Salengro maakte echter een einde aan dit opzet.

Oorlogsjaren

Op de vooravond van de Tweede Wereldoorlog had Jean-Marie Gantois een belangrijke weg afgelegd en stond hij aan het hoofd van een sterke beweging. Jozef Deleu, gewezen hoofdredacteur van Ons Erfdeel, richt in zijn boek Nederlander en Europeeër "een standbeeld op in zijn hart" voor de vooroorlogse actie van Jean-Marie Gantois. Maar enkele bladzijden verder veroordeelt hij zwaar Gantois die zich zou "vergaloppeerd" hebben tijdens de oorlog.

Nicolas Bourgeois antwoordt : "wie die dramatische periode niet heeft gekend kan onmogelijk verstaan en oordelen over die zware tijden die Gantois en zijn beweging verplichtten soms dubbelspel, en soms nog meer, te spelen". Daarbij komt nog dat talrijke documenten en belangrijke getuigenissen nooit openbaar zijn gemaakt . Het past dus uiterst voorzichtig te zijn met definitieve besluiten.

In 1939 worden de activiteiten van het VVF opgeschort door de Franse militaire veiligheid. J.M. Gantois gebruikt deze gedwongen rust om zijn boek Nederland in Frankrijk" te schrijven dat in 1941 verschijnt onder het pseudoniem H. van Bijleveld. Dit boek is belangrijk omdat het voor de eerste keer een geopolitieke dimensie geeft aan de strijd van de Vlamingen in Frankrijk.
De werkelijke grens van de Zuidelijke Nederlanden is niet de toenmalige taalgrens maar de Zomme. Gantois stelt "de taal is niet gans het volk". Ook de geschiedenis, het etnisch karakter, de tradities, enz. maken van de Nederlanden een eenheid.

Het is niet ernstig te suggereren alsof Gantois hiermee Duitse geopolitieke theorieën zou overnemen. De leuze Nederlanden één stonden niet bepaald op het programma van nazi- Duitsland! En geopolitiek is zeker geen exclusief Duitse wetenschap. Dit boek is uitsluitend het resultaat van de evolutie van zijn denken sinds de start van zijn beweging in 1924, evolutie die wij ook kunnen volgen in al zijn geschriften.

In 1941 besluit Jean-Marie Gantois zijn activiteiten te hernemen. De Duitsers bezetten de Franse Nederlanden en de streek hangt nu af van de Militärbefehlshaber in België en Noord-Frankrijk, gevestigd in Brussel.

In een brief aan Mevr. De la Chapelle wettigt Gantois zijn beslissing. Hij wil een aanwezigheidspolitiek voeren ondanks de moeilijke tijden. André Demedts merkt ook terecht op dat er voor Gantois en het VVF op aankomt "de bereikte resultaten niet in gevaar te brengen door een lange periode van rust".

De problemen blijven niet uit, maar Gantois slaagt erin het VVF in stand te houden. De Lion de Flandre en De Torrewachter" verschijnen weer. Vanaf 1942 neemt hij volop nieuwe initiatieven. Een Institut Flamand de France wordt opgericht met als doel vormingscursussen te geven. Het is een succes. Ook een jongerenbeweging De Zuid-Vlaamse Jeugdwordt geboren. Los van het VVF, maar in dezelfde lijn, verschijnt vanaf 1941 La Vie du Nord, onder leiding van André Cauvin. Dit tijdschrift bereikt een oplage van 50 000 exemplaren.

Repressie

Ook al moest hij soms dubbel spel spelen, Jean-Marie Gantois heeft nooit andere belangen gediend dan die van de Franse Nederlanden. Hij zal bijvoorbeeld nooit een vermenging dulden van het VVF met leden van politieke partijen van het type Doriot en aanverwanten en zal dan ook een van hun vertegenwoordigers, Dr. Quesnoy, uit zijn Verbond verwijderen.

Hij verbergt evenmin zijn allergie voor het regime van Pétain waardoor hij moeilijkheden krijgt, ook met de Duitsers, die deze houding als een verzet tegen hun politiek ervaren. Een ander lid van het VVF en directeur van La Vie du Nord, André Cauvin, polemiseert in oorlogstijd met Pierre Pucheu, minister van binnenlandse zaken onder Pétain die dreigt hem te zullen fusilleren na de oorlog. Cauvin antwoordt : "De meest gefusilleerde van de twee is niet wie men denkt". En hij zal gelijk krijgen ...

Tenslotte bewijst een getuigenis van Nicolas Bourgeois dat J. M. Gantois steeds trouw blijft aan zijn streekgenoten. Tijdens een interview met Frans-Vlaanderenkenner Cyriel Moeyaert verklaarde Bourgeois dat Jean-Marie Gantois, door een persoonlijke tussenkomst, het leven redde van Nathalis Dumez, verzetstrijder en directeur van het clandestiene blad La Voix du Nord. Deze feiten werden niet aangekaart op het proces van J.M. Gantois om te beletten dat het Openbaar Ministerie dit zou gebruiken als een bewijs van zijn contacten met de Duitse autoriteiten.

Niemand had de repressie voorzien die in Frankrijk tegen de bewegingen voor regionale autonomie zou losbarsten. Jean-Marie Gantois schreef zelf hoe verrast hij was door de omvang van deze anti-Vlaamse campagne in Frans-Vlaanderen.

Vooral regionale kranten zoals La Voix du Nord leiden de hetze tegen Gantois en zijn Vlaams Verbond en klagen grotesk "de grootste en afschuwelijkste samenzwering tegen Frankrijk" aan, geleid door de "ellendeling" Jean-Marie Gantois. Alle middelen zijn goed om de publieke opinie op te hitsen. Het dagblad Le Nouveau Nord" schrikt er zelfs niet voor terug om een foto van het IJzerbedevaart van 1935 te publiceren met als ondertiteling "de Vlaamse troepen van het Vlaams Verbond".

Jean-Marie Gantois wordt aangehouden op 6 december 1944. Zijn proces en dat van zijn medewerkers heeft plaats in december 1946 voor het gerechtshof van Rijsel.

In de gevangenis schrijft hij "Trouw aan zijn tradities, aan zijn geschiedenis, aan zijn genen, aan zijn land, aan zijn aard, aan zijn aanleg, aan zijn voorouders, aan zichzelf is niet alleen een recht maar ook een plicht. Wat ook de straffen zullen zijn die de rechterlijke instanties ons zullen geven, hun beslissing zal enkel een strafwettelijk karakter hebben en verstoken blijven van enige morele waarde".

Het is voor de hand liggend dat de Franse centralistische staat kost wat kost Jean-Marie Gantois en zijn Vlaams Verbond definitief wou doen zwijgen. Alle middelen waren goed om dit te bereiken. Men ging over tot de vervalsing van vertalingen van Nederlandse teksten van Gantois. Diets werd in het Frans vertaald door Duits, kruis door hakenkruis, enz., enz.

Gantois verdedigt zich met brio en fierheid en eist dapper de verantwoordelijkheid op van zijn daden. Tegen hem wordt de doodstraf geëist, maar hij wordt "slechts" veroordeeld tot 5 jaar gevangenisstraf. Dr. E. Defoort schrijft dat J.M. Gantois hier "een soort morele overwinning op het openbaar ministerie behaalt."

Het ergste is nog dat het VVF verboden wordt. De Nederlandse gedachte in de Franse Nederlanden wordt door de beschuldiging van "collaboratie met de vijand" gelijkgesteld met een beweging die op gang werd gebracht door het "buitenland", Duitsland tijdens de oorlog en België te allen tijden. De hoogste misdaad in het een onverdeelbaar Frankrijk is in feit een schandeloze machinatie van de Franse staat om elke vorm van regionale autonomie te kelderen.

Viering

In zijn geestelijk testament dat hij dicteert in de gevangenis schrijft hij :"Men heeft niet gegeven zolang men niet alles heeft gegeven en niets is gedaan zolang er nog iets te doen is".

Jean-Marie Gantois wordt na zijn proces vlug vrijgelaten maar moet nog gedurende lange jaren in ballingschap verblijven. Hij kiest hiervoor Bourgondië en werkt onvermoeid verder. In 1949, nauwelijks een maand na zijn vrijlating, publiceert hij een nieuw boekje Comment peut-on faire l’Europe, onder het pseudoniem Henri Dumesnil.

Tot aan zijn dood geeft hij nog het tijdschrift Notre Flandre uit waarmee hij gedurende lange jaren nog de Nederlandse gedachte in de Franse Nederlanden levendig houdt.

In 1964, in de ridderzaal van het grafelijke slot te Male, wordt hij gehuldigd door vele vrienden uit alle hoeken van de Nederlanden en Europa. De Zuidelijkste Nederlanden, zijn laatste boek verschijnt een jaar voor zijn dood en is een keuze uit de vele teksten en opstellen die hij zijn leven lang schreef.

Jean-Marie Gantois overlijdt op tragische wijze op 28 mei 1968. Daags voor zijn dood woonde hij nog in Waten de begrafenis bij van zijn oude moeder. Een dag later ging hij op stap voor een van zijn geliefde wandeling langs het kanaal van de rivier A. Een wandeling die nooit zou eindigen. Zijn lichaam werd enkele uren later aan de waterkant gevonden. Wellicht werd hij getroffen door een hartaanval, maar de ware omstandigheden van zijn dood zullen altijd een mysterie blijven.

Hij is begraven in Waten. Op zijn graf hebben zijn vrienden van de vereniging Zannekin een gedenksteen aangebracht met de wapens van de XVII provinciën, gebeeldhouwd door de zanger en kunstenaar Willem Vermandere.

Wido van Kaaster

Dit artikel is oorspronkelijk verschenen in Gazet van Antwerpen van 29 mei 1983

 

 

randomness